Zwerven door Nederland

Onverwacht Nederland (en een beetje over de grens)

Pagina 2 van 3

Hardinxveld-Giessendam: een wandeling door Binnendams

Museum De Koperen Knop

Hardinxveld is een van de oudste nederzettingen in de Alblasserwaard. Het dorp otstond aan de monding van het veenriviertje de Giessen in de Merwede. Giessendam ontstond later rond een dam in de Giessen. In 1957 werden beide dorpen samengevoegd tot Hardinxveld-Giessendam. 

Bij de aanleg van de Betuwelijn in 1997 werd een 7500 jaar oud skelet van een vrouw – die al snel de toepasselijke naam Trijntje kreeg – en een even oude boomstamkano gevonden. In allerijl spoedden archeologen vanuit Leiden zich naar de vindplaats. Uit onderzoek bleek dat Trijntje ongeveer vijftig jaar was toen ze overleed, verschillende kinderen had gekregen en in goede gezondheid verkeerde. Haar tanden waren sterk afgesleten door het eten van ruw voedsel of het met de tanden bewerken van dierenhuiden. Een reconstructie van Trijntje is te zien in het plaatselijke museum De Koperen Knop.

Gepubliceerd in RegionaalUITgelicht

Rijsenburg: een dorp binnen een dorp

Kerkplein in Rijsenburg

Het plaatsnaambord vermeldt Driebergen-Rijsenburg maar iedereen spreekt over Driebergen. Rijsenburg was tot 1931 een zelfstandige gemeente die als enclave nagenoeg ingesloten was door het grotere dorp Driebergen. Tot 2006 vormden beide dorpen samen de gemeente Driebergen-Rijsenburg die toen ging in de gemeente Utrechtse Heuvelrug.

In 1818 werd Rijsenburg losgemaakt van Driebergen. Op een kaart uit de Gemeente-Atlas van Nederland uit 1868 zijn de langgerekte gemeentegrenzen duidelijk te zien. De gemeente strekte zich uit van de Langbroekerweg tot de Arnhemsebovenweg met de huidige Rijsenburgseweg als centrale as. Onder de kaart staat ‘218 bunder (hectare), 315 inwoners’. Driebergen was 2417 bunder groot en telde 1817 inwoners.

 

Beneden-Leeuwen, van ‘tussendorp’ tot hoofddorp

Molen in Beneden-Leeuwen

Wamel, Beneden- en Boven-Leeuwen liggen als een 8 km lang lint langs de zuidelijke oever van de Waal. Tot 1900 gingen de katholieken uit de dorpen naar de kerk van Boven-Leeuwen, maar in dat jaar werd de nieuwe RK-kerk in Benedeneind – van het huidige Beneden-Leeuwen was nog geen sprake – ingewijd. Benedeneind groeide uit Beneden-Leeuwen.

De naam Leeuwen is afgeleid van het Germaanse woord ‘hlaiwa’ dat
grafheuvel betekent. En ‘beneden’staat voor ‘beneden aan de rivier’ ofwel
stroomafwaarts. De Zandstraat, de drukke winkelstraat die dwars door het dorp loopt
van oost naar west, is al heel oud. In 2002 werden bij opgravingen sporen
van een oude Romeinse nederzetting teruggevonden.

Een vergeten arboretum

Meerstammige beuk

Aan de Keijenbergseweg, de weg van Bennekom naar Heelsum, ligt ter hoogte van hectometerpaal 4,8 het Arboretum Oostereng. Een heel ander arboretum dan de twee bekende arboreta in Wageningen (De Dreijen en Belmonte). Het ligt verscholen tussen de bossen en je zou er -als er geen bordje stond – zo voorbij lopen. Het werd in 1911 aangelegd door de bekende tuinarchitect Leonard Springer in opdracht van de familie Insinger. De familie had in 1910 hier een landhuis laten bouwen. In 1941 werd het landgoed verkocht aan Staatsbosbeheer en de villa door bombardementen verwoest. Het arboretum raakte in vergetelheid en overwoekerd. In 2011 werd het herontdekt en dankzij een groep vrijwilligers is het arboretum weer zichtbaar.  
Het arboretum is ontsloten door het Bomenpad, een 1,4 km lang pad door het bos slingert. Vrijwilligers die het arboretum onderhouden hebben her en der bordjes met de namen van bomen, struiken en planten geplaatst en kleine informatiepanelen. Een leuke wandeling langs een imposante meerstammige beuk, door een tunnel, en langs een edele zilverspar, een bakstenen bank en – heel leuk – een reuzenxylofoon. Dat wordt zeker teruggaan in de lente!

Meer informatie: www.arboretum-oostereng.nl

 

Lienden: de erfenis van baron van Brakell

Kerk van Lienden

Aan de Provincialeweg N320 ligt ter hoogte van Ommeren op het landgoed den Eng het Streekmuseum Baron van Brakell.
De baron was een bijzonder man. Daarover waren zijn tijdgenoten het eens. Een militaire loopbaan lag voor de hand voor een man van zijn stand, maar een ‘ongemak aan den voet’ weerhield hem daarvan. Hij werd boer, of liever landbouwpionier.

Van Brakell (1768-1852) was niet alleen zijn tijd vooruit in het boerenbedrijf, maar ook in de omgang met zijn pachters. De baron en zijn vrouw bewoonden Huize Den Eng. Het huidige huis, schuin tegenover het museum, staat op de plek van het in de Tweede Wereldoorlog verwoeste oorspronkelijke landhuis.   Het echtpaar kreeg geen kinderen en liet al zijn geld na aan een fonds voor de behoeftigen in Meerten, een buurtschap ten zuiden van Lienden. Ook de bouw van het nieuwe museum werd uit de nalatenschap bekostigd.

Gepubliceerd in: RegionaalUITgelicht, oktober 2017
Lees het volledige artikel > p15

Achterkant hamel

Graf baron van Brakell

De charmante stadjes van Hageland

In het oostelijke deel van de provincie Vlaams-Brabant ligt Hageland. Die naam dankt de regio aan het kreupelhout (‘hage’) dat na de middeleeuwse ontginningen de velden bedekte. Hageland kent naast charmante stadjes een vriendelijk glooiend landschap met wijngaarden. Leuven is een stad op mensenmaat, beperkt in omvang maar met grootse bezienswaardigheden.

Net als het ‘Hollandse’ Brabant kun je ook in Vlaams-Brabant volop Bourgondisch genieten van Hagelandse wijnen en bieren met smakelijke namen als Wolf, Tiense Zoeg, Hoegaarden en Broeder Jacob. Bovendien heeft ieder dorp of stadje wel zijn eigen specialiteit, van noppen in Scherpenheuvel tot kruidkoek in Diest. Je kunt uit eten in een van de vele restaurants en brasserieën of genieten van een ‘koffietje’ in een café of op een terras.

 

Beesd, een dorp met stadse allure

Beesd is een dorp met een rijke geschiedenis die teruggaat tot de middeleeuwen. Het dorp had een kleine haven aan de Linge, een rivier die niet alleen voor welvaart zorgde maar ook onheil en ellende bracht. Dankzij de ligging aan de Linge, destijds een belangrijke vaarweg waarvan schepen met handelswaar van en naar de stad Tiel veelvuldig gebruikt maakten. Al heel vroeg waren de landerijen en dorpspolders voorzien van dijken en kaden.

Ameide, stadje aan de Lek

Ter voorbereiding op een nieuwe aflevering in de serie Steden en dorpen in het Rivierengebied naar Ameide ‘gereisd’. Zeven kilometer Lekafwaarts na Lexmond ligt Ameide. Zoals in zovele dorpen tussen de grote rivieren heerst hier een zondagsrust, maar café ’t Wapen van Ameide trotseert deze zondagsheiliging en is gewoon open. Ameide werd in 1672 overrompeld door de Franse troepen, geplunderd en grotendeels verwoest. Alleen kerk en stadhuis bleven gespaard. Op de huizen rond de Dam (sloot de Broeksestroom af van de Lek) en de Voorstraat prijken talrijke blauwwitte schildjes: gemeentelijk monument.  Voetveer De Overkant zet ’s zomers in Ameide fietsers en wandelaars naar de overkant van de Lek naar Lopik. Dan verandert Ameide in een bruisend stadje, zelfs op zondag.

Een rondje Oud IJsselstein  

Vanaf het plein voor het nieuwe stadhuis en het Fulcotheater heb je een goed zicht op de 397 m hoge zendmast Lopik. Binnen de vesting staan nog twee torens die van verre te zien zijn. Een derde toren herinnert aan het ‘stein’, het kasteel dat in de 13de eeuw door de heren van IJsselstein werd gebouwd.

Havenstraat is met zijn ‘Utrechtse werven’ veruit het mooiste grachtje.

Havenstraat is met zijn ‘Utrechtse werven’ veruit het mooiste grachtje.

Bij het kantoor van ‘Uit in IJsselstein’ in de nieuwe bibliotheek halen we de brochure met een ‘Historische wandeling door IJsselstein’ (€ 2,00) af. Het stadje dankt haar ontstaan aan de ligging aan de Hollandse IJssel. De IJssel was vroeger van belang voor het vervoer van passagiers van en naar Utrecht en van goederen, vooral hoepels, meubels en bakstenen, die tot ver buiten de stadsgrenzen werden verhandeld. Langs de nu verstilde IJsselkade was het ooit een drukte van belang en een komen en gaan van beurtschepen, trekschuiten en postkoetsen.

Benschop: langgerekt dorp tussen Boven- en Benedeneind

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Theekoepeltje aan de Benschopperwetering

Benschop strekt zich uit langs de kaarsrechte Benschopperwetering die de Lopikerwaard doorsnijdt. De bebouwing begint al ten westen van IJsselstein en eindigt na negen kilometer bij de buurtschap Polsbroek. Tussen het Boveneind en Benedeneind ligt het Dorp, de kern van het eigenlijke laagveendorp.

Omstreeks 1200 werd met steun van de heren van IJsselstein een kerk gebouwd. Rond het dorpsplein voor de kerk ontstond in de loop er tijd een kleine kern met een pastorie, school, rechthuis en enige winkeltjes en werkplaatsen van ambachtslieden. Ook nu nog is dit vriendelijke plein met zijn leilinden en dorpspomp het hart van Benschop.

« Oudere berichten Nieuwere berichten »

© 2021 Zwerven door Nederland

Thema gemaakt door Anders NorenBoven ↑